Najaar en winter
Grond die in de winter bedekt is, begint in het voorjaar een maand voor op kale grond.
Najaar
- Oogsten en verwerken: invriezen, inmaken, drogen.
- Uitgewerkte planten opruimen, gezond materiaal naar de composthoop.
- Stalmest of grove compost uitbrengen op de lege bedden.
- Knoflook en winterui planten.
- Bedden bedekken met blad, stro of een groenbemester.
Groenbemester
Een groenbemester zoals phacelia, gele mosterd of winterrogge houdt de grond bedekt, voorkomt uitspoeling en levert organische stof. In het voorjaar wordt die afgemaaid en oppervlakkig ingewerkt.
Winter
De tuin vraagt weinig, maar er is werk dat dan het beste past: gereedschap onderhouden, bakken repareren, de indeling voor volgend jaar tekenen en zaad bestellen. Bij een gedeelde tuin is dit het seizoen voor de jaarvergadering en het rooster.
Wat doorgroeit
| Gewas | Oogst |
|---|---|
| Boerenkool | November tot februari, beter na vorst |
| Veldsla | November tot maart |
| Prei | Oktober tot februari |
| Spruitkool | November tot januari |
Vorst
Bladgewassen verdragen lichte vorst; bij strenge vorst geeft vliesdoek of een laag stro bescherming. Oogsten gebeurt bij voorkeur op een dag zonder vorst, omdat bevroren blad bij aanraking breekt.